Tegels

op elektriciteitshuisjes

(ELE-01 t/m ELE-07)

 

Deze versie is bijgewerkt in december 2009. Klik hier
 

Verspreid door heel Noord-Holland kan men in de publieke ruimte vele tientallen malen telkens samen dezelfde twee tegels aantreffen. Op de ene tegel staat dan afgebeeld een kraaiende haan voor een opkomende zon; op de andere een vervaarlijke hond (buldog) op een vloer van om en om groen en blauw gekleurde vloertegels. Deze Haan & Hond tegels zijn aangebracht in de buitenmuren van zogeheten electriciteitshuisjes (huidige spelling: elektriciteitshuisjes; ook wel aangeduid als transformator- of trafo-huisjes of -stations, of hoogspanningshuisjes).

De ‘Haan & Hond’ tegels vormen de aanleiding voor een set inventarissen op deze website. Er worden vier deelverzamelingen 'Haan & Hond' tegels gepresenteerd, als inventarissen ELE-01 t/m ELE-04, grofweg gebaseerd op een geografische verdeling van de provincie; om een volledig overzicht van de ruim honderd tot nu toe bekende gevallen te krijgen, dient de belangstellende deze vier deelverzamelingen als één organiek geheel te beschouwen (in feite ook nog uitgebreid met inventarissen ELE-05 t/m ELE-07).

Haan & Hond op electriciteitshuisje (1541CL, Koog aan de Zaan, Leliestraat 4)

Gezien de z.g. cloisonné techniek waarin ze zijn uitgevoerd, zijn de Haan & Hond tegels vrijwel zeker ontworpen door Lambertus Eugen Florian (Lambert) Bodart (1872-1945), en geleverd door de Porceleyne Fles te Delft (zie ‘Bronnen’, onderaan). Ze zijn vanaf het midden van de jaren 1910 aangebracht aan electriciteitshuisjes van de Kennemer Electriciteit Maatschappij (K.E.M.) onder architectuur van Johannes Bernardus (Han) van Loghem (1881-1940; zie ‘Bronnen’, onderaan). In 1917 werd de K.E.M. opgenomen in de Provinciale Electriciteitsmaatschappij van Noord-Holland (P.E.N., later PEN), door welk bedrijf het gebruik van de tegels werd voortgezet, ook onder architectuur van anderen dan Van Loghem (zie ‘Bronnen’, onderaan).

In verreweg de meeste gevallen (c. 90 %) zijn Haan & Hond zodanig geplaatst dat ze elkaar ‘aankijken’; waar zij rug-aan-rug staan, is er wellicht sprake geweest van onoplettendheid van de bouwvakkers. Vrijwel even vaak zijn Haan & Hond ofwel in één muur ingemetseld, ofwel aan weerszijden van de hoek van twee muren; in ’n enkel geval (ELE-04; 1184VX, Amstelveen, Ouderkerk aan de Amstel, Kruitmolen naast 8) zijn Haan & Hond tegenover elkaar ieder in een andere zijmuur aangebracht (vgl. ‘Bronnen’, onderaan).

In de gevels van electriciteitshuisjes van zowel K.E.M. als P.E.N. zijn in enkele gevallen ook uit tegels bestaande naamtableaus aangebracht (zie inventaris ELE-05): soms wel en soms niet in combinatie met Haan & Hond.
 

 K.E.M. (1165HC, Halfweg, Schoolstraat naast 20) 

P.E.N. (1483EB, De Rijp, Westeinde 58)

Bij aanvang werden op 1 Januari 1917 bij P.E.N. 173 electriciteitshuisjes ingebracht, waaronder die van K.E.M.; op 14 Maart 1941 werd het duizendste electriciteitshuisje van P.E.N. in gebruik genomen (het staat Nes 1 te Schagen); en in Augustus 1941 was het totaal 1023 (zie ‘Bronnen’, onderaan).
 

Gedenksteen 1000e electriciteitshuisje van P.E.N.(1741JZ, Schagen, Nes 1)

Het is niet duidelijk welk percentage van deze meer dan 1000 electriciteitshuisjes ooit met Haan & Hond werd opgesierd; maar de inventarissen ELE-01 t/m ELE-04 vertegenwoordigen ruwweg slechts een schamele 12 % van dit aantal. Het 1000e huisje, te Schagen, uit 1941, heeft géén Haan & Hond tegels: het laat zich aanzien dat zulke versiering inmiddels niet meer bij electriciteitshuisjes van P.E.N. werd aangebracht. Waarschijnlijk is men dan na de Tweede Wereldoorlog voor de ornamentiek van electriciteitshuisjes van P.E.N. bij een andere vorm terecht gekomen: het wapen van de provincie (zie inventaris ELE-05).
 

Wapen van Noord-Holland (1948RH, Beverwijk, Flevoland naast 30)

Allicht paste met heraldiek weergegeven 'trots op Noord-Holland' beter bij de tijdgeest in een pas van de Duitse bezetting bevrijd gebied. Overigens waren in de jaren 1930 aan de voorgevel van het hoofdkantoor van P.E.N. in Bloemendaal al twee provinciale wapenschilden aangebracht.
 

Hoofdkantoor P.E.N. te Bloemendaal, met wapenschilden van de provincie Noord-Holland

De architect van dit kantoorgebouw was Henri Timo Zwiers (1900-1992); in een werkenlijst van Zwiers (zie ‘Bronnen’, onderaan) staat voor het jaar 1947 als “uitgevoerd” vermeld: “P.E.N. Transformatorgebouwtje”. Omdat hierbij, anders dan bij de meeste andere werken in de lijst, geen specifieke locatie wordt aangeduid, is het mogelijk dat het hier gaat om een in serie op verschillende plaatsen uitgevoerd ontwerp. De electriciteitshuisjes die versierd zijn met schilden waarop het wapen van Noord-Holland is afgebeeld - met aan weerszijden een bliksemschicht (die allicht electriciteit verzinnebeeldt) -  hebben een uitstraling die goed past in de sfeer van wederopbouw na WO2. Het lijkt daarom aannemelijk dat Zwiers in 1947 de ontwerper van deze electriciteitshuisjes is geweest; of hij ook verantwoordelijk is voor de keuze van provinciewapen en/of bliksemschichten als ornament, is niet bekend.
 

In Amsterdam en regio heeft noch de K.E.M. noch de P.E.N. geopereerd; daar was het gemeentelijk energiebedrijf G.E.B. actief, dat op haar electriciteitshuisjes kennelijk geen tegels – Haan & Hond, of anderszins - aanbracht. Iets dergelijks geldt voor Haarlem en regio, en de Gemeente-Lichtfabrieken aldaar, en voor het eiland Texel en de Texelse Electriciteits Maatschappij (T.E.M.) (zie ‘Bronnen’, onderaan).

Haan & Hond tegels zijn voor zover bekend buiten het werkterrein van de P.E.N., Noord-Holland (behalve dus de regio’s rond Amsterdam en Haarlem, en Texel), niet op electriciteitshuisjes aangebracht. Wel zijn Haan en Hond vermoedelijk ‘gewoon’ als losse tegels in de handel geweest. Elders is bouwkeramiek in een soortgelijke twee-eenheid voor electriciteitshuisjes gebruikt. In Leiden en omgeving, bijvoorbeeld, twee terracotta tegels, de ene met de twee gekruiste sleutels uit het wapenschild van Leiden, de andere met de afkorting S.L.F. (Stedelijke Licht Fabrieken) met daaronder LEIDEN (zie inventaris ELE-06). Volgens mededelingen van (oud-)werknemers van NUON c.q. van haar voorgangers ter plaatse (zie 'Bronnen', onderaan), werden deze ornamenten vervaardigd door Pottenbakkerij Vermeulen, te Zoeterwoude.
 

 

Bouwkeramiek S.L.F. in Leiden en regio (2333AM, Leiden, Wassenaarseweg 23)

Minder vergelijkbaar met Haan & Hond is de bouwkeramiek waarmee electriciteitshuisjes zijn opgesierd in Delft en regio (tenminste ook in Berkel en Rodenrijs en in Pijnacker): soms twee terracotta tegels, de ene met het wapen van Delft (een met golven(de lijnen) aangegeven gracht, of ‘delft’, temidden van effen vlakken - oevers - aan weerszijden), de andere met de letters G E B (Gemeentelijk Electriciteits Bedrijf) onder elkaar; maar soms ook slechts één, de ene of de andere (zie inventaris ELE-06). In Delft werd overigens ook wel andere ornamentiek toegepast (eveneens opgenomen in inventaris ELE-06).
 

Bouwkeramiek G.E.B in Delft en regio (2651BM, Rodenrijseweg 43, Berkel en Rodenrijs)

Naast GEB Delft komt in Berkel en Rodenrijs ook nog (tenminste) twee maal op electriciteitshuisjes voor: bouwkeramiek waarop rechts afgebeeld het wapen van Berkel en Rodenrijs, met links de tekst GEB (ook opgenomen in inventaris ELE-06): kennelijk was eerder en/of elders dan GEB Delft in dezelfde gemeente ook een eigen gemeentelijk electriciteitsbedrijf actief.
 

Bouwkeramiek G.E.B in Berkel en Rodenrijs (2651CN, Berkel en Rodenrijs, Noordeindseweg 364)

Nog verder verwijderd van Haan & Hond, zowel geografisch als in vergelijkbaarheid, zijn dan de tegeltableautjes “PROVINCIALE ELECTRICITEITSWERKEN”, met links en rechts het (gestileerde) wapen van Gelderland, op electriciteitshuisjes van de Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij P.G.E.M. in Gelderland (zie inventaris ELE-07).
 

 Tegeltableautje P.G.E.M, ca. 1920 – 1924
(6663BC, Lent, Griftdijk Zuid zonder nummer)

Tegeltableautje P.G.E.M, ca. 1924 – 1940
(6663KA, Lent, Zandsepad zonder nummer)

Crols & Hermans (1995) (zie ‘Bronnen’, onderaan), blz. 23-24, schrijven:

  • Een deel van de transformatorhuisjes van de PGEM is voorzien van tegeltableau met naamsvermelding. Het oudste tableau bestaat uit vier gele tegels met in het midden een horizontale blauwe band, met daarin in geel de tekst provinciale electriciteitswerken [in kapitalen]. Geheel links en rechts bevindt zich een tegel met het wapen van Gelderland: een klimmende leeuw op een blauw en geel veld. Dit tableau is vervaardigd door de plateelbakkerij 'De Distel' te Amsterdam […]
    Vanaf 1924 wordt een nieuw en qua ontwerp strakker tegeltableau toegepast, bestaande uit vier tegels met eveneens het opschrift provinciale / electriciteitswerken [in kapitalen] in geel op een zwarte achtergrond. De tekst wordt aan beide zijden geflankeerd door een gestileerd blauw-geel provinciewapen, waaruit de leeuwen zijn verdwenen. Dit tegeltableau is vervaardigd door 'Goedewaagen'. 

Op de bijbehorende afbeeldingen zijn de respectievelijke bedrijfsnamen, DE DISTEL en GOEDEWAAGEN GOUDA, rechts onderin herkenbaar. Het oudere tableautje heeft inderdaad zes tegels; er is ook een variant met acht tegels; of, en zo ja, hoe de varianten chronologisch geordend zijn, is niet bekend.

In Zuid-Holland (SLF Leiden, GEB Delft, GEB Berkel en Rodenrijs), in Gelderland (PGEM), en later in Noord-Holland (PEN), is bij de decoratie van electriciteitshuisjes telkens een beroep gedaan op de heraldiek. Met betrekking tot de K.E.M., echter, lijken Haan & Hond niet simpelweg terug te voeren te zijn op een of andere heraldische oorsprong. Voor Haan (coq) en Hond (bulldog) zal men toch niet hebben te denken aan symbolen van respectievelijk Frankrijk en Engeland: deze landen voerden op 6 oktober 1799 een veldslag bij Castricum, met bijbehorende  manoeuvres elders, in het (achterland van) Kennemerland. In de Chinese astrologie volgen telkens een ‘jaar van de Haan’ (bijv. 1909 en 1921) en een ‘jaar van de Hond’ (bijv. 1910 en 1922), elkaar op; maar ook daaraan lijkt geen verklaring voor Haan & Hond vanaf omstreeks 1915 te ontlenen.

Wat betreft wat dan wèl de reden is geweest voor juist de Haan en de Hond op de electriciteitshuisjes van K.E.M. en P.E.N. in Noord-Holland, zijn er verschillende mogelijkheden geopperd.
 

  • Ene v.M. schrijft in ''HAAN EN HOND' in den muur van onze Hoogspanningshuisjes' (Alles Electrisch, 1933; zie ‘Bronnen’, onderaan):
    “[...] het betreden van deze gebouwtjes door niet ter zake deskundigen [is ...] levensgevaarlijk [...]. Dit gevaar nu wordt [...] onderstreept door de in de muren gemetselde 'Haan' en 'Hond'. De haan staat daar om zijn waarschuwing uit te kraaien: Mij is dit huis ter BEWAKING toevertrouwd, geen onbevoegde mag hier binnentreden en aan de andere zijde komt de hond met zijn nog verder strekkende taak: Mij is dit huis ter VERDEDIGING toevertrouwd en ik sta gereed die verdediging op mij te nemen. De haan doet dus een beroep op het verstand en voor degenen die daarvoor niet vatbaar zijn, is er de hond, die niet verder argumenteert, doch toehapt. Zooals reeds eerder gezegd, is het eigenlijke doel, waarmee de kleurige tegels worden aangebracht slechts versiering en hun beteekenis als symbool der waakzaamheid zal mogelijk velen voorbij gaan. Uiteraard zijn symbolen altijd voor meerdere uitleg vatbaar, zoodat, als er lezers zijn, die bij de tegels denken aan 'de aankondiging van het licht' en de 'trouwe levering', daartegen geen bezwaar is. Ook zijn wij tevreden wanneer zij voor zichzelf het antwoord gevonden mochten hebben, dat een onzer enthousiaste electrisch kokende afnemers gaf bij de beschouwing onzer zwijgende waarschuwers: 'De haan kan het niet bekraaien zoo mooi als 't is en de hond kan het niet beloopen zoo vlot als ’t gaat'.”

     

  • Ook het volgende is wellicht van relevantie.
    Albert Hendrik van Rood (1885-1947), de architect zelve van een electriciteitscentrale in Velsen-Noord, schrijft in 1936 (zie ‘Bronnen’, onderaan):

    “Willem Brouwer uit Leiderdorp maakte hoekplastieken: Haan en Dog [sic], als emblemen van Licht en Kracht, door het P.E.B. opgewekt” [P.E.B. = provinciaal electriciteits bedrijf, = P.E.N.].

Willem Coenraad Brouwer (1877-1933) was een roemrucht maker en leverancier van bouwkeramiek; zijn Dog voor Van Roods electriciteitscentrale is nog ter plaatse aanwezig (zie inventaris ELE-05, 1951HJ, Velsen-Noord, Hoflaan 1); zijn Haan is echter bij een uitbreiding van Van Roods bouwwerk teloor gegaan.
 

Dog van W.C. Brouwer, ‘embleem van kracht’ (centrale P.E.N.; 1951HJ, Velsen-Noord, Hoflaan 1)

Alle bovengenoemde verklaringen lijken er op de ene of op de andere wijze aan mank te gaan dat zij zich niet op natuurlijke wijze verstaan met het gegeven dat tegelijkertijd afwisselend sommige electriciteitshuisjes wel, en andere - wellicht meer - juist weer niet, van Haan & Hond werden voorzien.

In Hilversum is, volgens mededeling van NUON in 1996 of 1997, een geval van Haan & Hond uit het straatbeeld verdwenen (zie ‘Bronnen’, onderaan).

 

Electriciteitshuisje met Haan & Hond op Langgewenst te Hilversum; GESLOOPT (foto 1996, Jan Vredenberg).

In Delft zijn de laatste paar jaar tenminste twee electriciteitshuisjes met GEB en wapen van Delft aan sloop ten offer gevallen: De Genestetstraat tegenover 3, Delft en Colignystraat bij 136, Delft. Crols & Herman (1995), blz. 20, beelden een “voormalig” huisje – met tegeltableau – af aan de Markt te Terborg, dat kennelijk verdwenen is. Een huisje met tegeltableau in Apeldoorn is gesloopt, maar weer her-opgebouwd: in het Openluchtmuseum te Arnhem. Maar het laat zich raden dat veel electriciteitshuisjes, al dan niet met Haan & Hond of andere ornamentiek, voorgoed aan vooruitgang(?) ten prooi moeten zijn gevallen (zie ook ‘Bronnen’, onderaan). Ook buitendien zijn de electriciteitshuisjes met Haan & Hond vermeld in de inventarissen ELE-01 t/m ELE-04, evenmin als inventarissen ELE-05 t/m ELE-07, waarschijnlijk nog GEEN volledige opsommingen van wat er thans nog over is.

Aanvullingen zijn welkom.
 

Bronnen

Voor L.E.F. Bodart als de ‘vaste’ ontwerper van cloisonné tegels voor de Porceleyne Fles. Zie L.G.A. Schram & C.M. Schram-De Lange, Cloisonné tegels, Jacoba aardewerk tegels, De Porceleyne Fles Delft ([Otterlo]: Stichting Vrienden van het Tegelmuseum It Noflik Sté; 1985), blz. 12, 19, 25, 26, 35; en speciaal voor de Haan, blz. 37 (de Hond komt niet in het werk voor). Zie ook: Bert Pols, ‘
De Porceleyne Fles’, ‘L.E.F. Bodart’ en tegels 40-37 (Haan) en 40-39 (Hond), in Cloisonné tegels van De Porceleyne Fles te Delft: catalogus (Pijnacker, 1995); hierin eveneens, als respectievelijk 39-71 en 39-18, de tegels van haan en hond zoals ook aanwezig 1052CG, Amsterdam, Nassaukade 13 (zie inventaris ELE-05). In het overzichtswerk van de gezaghebbende auteur Jan Pluis, Nederlandse Tegels 1900-2000 (Leiden: Primavera Pers; 2008) komen tegeltoepassingen op electriciteitshuisjes slechts zeer zijdelings aan de orde. In de hoofdstukken over De Porceleyne Fles (c.q. L.E.F. Bodart; zie ELE-01 t/m ELE-04), en over De Distel en Goedewaagen (zie ELE-07), staat er niets over. In het hoofdstuk over een verder volstrekt buitenstaand bedrijf (Tjallingii, Makkum) vermeldt Pluis – terzake van twee afgebeelde tegels, 75 x 75 x 10 mm, waarop afgebeeld 'haan' en 'twee buldogs' zonder in het oog springende gelijkenis met Haan & Hond (anders dan dat het nu eenmaal om dezelfde dieren gaat) – alleen (blz.203): 

  • Opvallend is dat de combinatie van haan en hond (buldog) ook vele keren is aangetroffen op elektriciteitshuisjes van de KEM/PEN in Noord-Holland. Die zijn bij De Porceleyne Fles vervaardigd (eveneens in cloisonnétechniek, formaat  215 x 215 mm) […] De haan en de hond symboliseren waarschijnlijk de waakzaamheid.

(In de Index ontbreekt blz. 203 bij ‘Porceleyne Fles, De’).
 

In het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) te Rotterdam worden tekeningen van J.B. van Loghem bewaard (code: LOGH) voor al dan niet uitgevoerde electriciteitshuisjes, de meeste met Haan & Hond aangeduid, sommige met expliciet aangegeven: “Haan”, “Hond”.
 

Schetsen, ondertekend “J.B. van Loghem”, voor ‘Nieuwer-Amstel’ [= 1184VX, Amstelveen, Ouderkerk aan de Amstel, Kruitmolen naast 8], 03.05.1918, met expliciete aanduiding van tegels “HAAN – HOND”
(met dank aan Jan Vredenberg).

Over dit materiaal, zie ‘Technisch inzicht en gezonde vormenspraak’, hoofdstuk 5 (blz. 165-193) in: Rudolfine Antoinette Eggink, J.B. Van Loghem, Architect van een optimistische generatie (proefschrift TU Delft; 1998).
Zie ook: Jan Vredenberg, ‘Trotse kastelen & lichtende hallen’. Architectuur van electriciteitsbedrijven in Nederland tot 1960 (Utrecht: Uitgeverij Matrijs;
2003), blz. 94-99 (op blz. 380 ook een foto (uit 1996) van het inmiddels verdwenen electriciteitshuisje op het Langgewenst in Hilversum, met Haan & Hond).

Op enkele tekeningen in het archief staat toegevoegde informatie. Op tekeningen van Van Loghem voor een electriciteitshuisje in Zandvoort, Dec. 1917, komen Haan & Hond niet voor; wel wordt vermeld: “ZWARTE TEGELS (THOOFT)”: blijkbaar was De Porceleyne Fles (Joost Thooft & Labouchère) de ‘vaste’ leverancier van tegels. Op een ontwerp voor Penningsveer, Van Loghem, 25.02.1918, staat: “2 stuks tegels haan en hond 20 x 20”; op een ontwerp voor Bloemendaal, 02.08.1919, “tegel 20/20 met randje groen gekristalliseerde tegels 5/5”. Saillant is ook, uit een bestek voor ‘Nieuwer-Amstel’ (= 1184VX, Amstelveen, Ouderkerk aan de Amstel, Kruitmolen naast 8): “De twee relieftegels in de zijgevels moeten door den aannemer worden aangebracht, de tegels worden door het P.E.N. geleverd, franco magazijn te Bloemendaal, de kosten en risico van verzending zijn voor rekening van den aannemer”.
In de NAi dossiers bevinden zich ook tekeningen gesigneerd “VdB” resp. “V.d.Burgt” (volgens Eggink te identificeren als J.J. van der Burgt (Jacob Jan van der Burgt, 1888-1972), achtereenvolgens medewerker en opvolger van Van Loghem bij P.E.N.), waaronder die voor Verlaat (zie 1704JP, Verlaat (Heerhugowaard), Verlaat tegenover 4-6), uit 1920, waarop de aan te brengen Haan & Hond staan aangegeven; en nog tekeningen waarop geen architect staat vermeld: bijvoorbeeld, uit 1928, voor Den Helder (zie 1781KK, Den Helder, Koningsplein tegenover 7), waarop Haan & Hond eveneens als aan te brengen zijn aangeduid. Ook G. Hogervorst (1885-1969; Eggink schrijft A. Hogervorst) was eerst een medewerker en later een opvolger van Van Loghem bij de P.E.N.: zie – met portretfoto -  Alles Electrisch 11-10, October 1941, blz. 172. Hogervorst moet eveneens sommige van de electriciteitshuisjes hebben ontworpen waarop Haan & Hond zijn aangebracht. Bij zijn gedetailleerde uitwerkingen van ontwerpen van Van Loghem (Hilversum, Huizerstraat; Nieuwer-Amstel, Ouderkerkerlaan) tekende Hogervorst Haan en/of Hond soms zorgvuldig in.

 

Op bouwtekening ingetekende Hond
(uitwerking door G. Hogervorst van ontwerp van J.B. van Loghem voor Nieuwer-Amstel, Mei 1918)
(NAi; LOGH t4.1, grote map)

Het NAi bewaart ook de archieven van H.T. Zwiers (code: ZWIE), waartoe ook een ‘werkenlijst’ behoort; daarin staat (blz. 5) vermeld (228 is het werknummer):
1947            228     P.E.N. Transformatorgebouwtje   uitgevoerd

Voor het P.E.N. hoofdkantoor te Bloemendaal, zie H.T. Zwiers’ eigen artikel, ‘Dienst- en administratiegebouw Provinciaal Electriciteitsbedrijf van Noord Holland (P.E.N.) aan de Ignatius Bispincklaan, Kinheimpark, Bloemendaal’ in Bouwkundig Weekblad 57 (1936), 8, 81-91 (in iets uitgebreidere versie overgenomen in Het Bouwbedrijf 13 (1936), 21, 207-212 en 22, 219-224), met de wapenschilden vooral duidelijk zichtbaar op de foto op blz. 85 (in de tekst wordt er geen aandacht aan besteed).

Het Noordhollands Archief in Haarlem bewaart onder toegangsnummer 724, inventarisnummer 1784, het tijdschrift Alles electrisch: in huis en bedrijf: maandblad voor de stroomverbruikers van het Provinciaal Electriciteitsbedrijf van Noord-holland. In Alles Electrisch 3-9, September 1933, staat op blz. 110 het geciteerde artikel ‘‘HAAN EN HOND’ in de muur van onze Hoogspanningshuisjes’, gesigneerd “v.M.”. In Alles Electrisch 3-9 t/m 6-3, September 1933 - Maart 1936, in vele afleveringen, beschrijft architect H.T. Zwiers zijn kantoorgebouw voor P.E.N. te Bloemendaal. In Alles Electrisch 11-8, van Augustus 1941, staat een bijdrage over het 1000e electriciteitshuisje van P.E.N., te Schagen, met foto van de aangebrachte gedenksteen; in deze bijdrage wordt ook gewag gemaakt van 173 electriciteitshuisjes per 1 Januari 1917, en 1023 huisjes ‘thans’. Bouwkundige G. Hogervorst wordt vermeld in Alles Electrisch 5-5 (September 1935), 11-10 (October 1941), 12-1 (Januari 1942).

Architect A. H. van Rood publiceerde, zoals geciteerd, over de drie-dimensionale Haan en Hond bij de electrische centrale van Velsen in 'De bouwkundige werken voor de electrische centrale van het Provinciaal Electriciteitsbedrijf van Noord-Holland' (De Ingenieur 47 (1936)–46, B.231–B.241) op blz. B.239.

Voor de gebieden waar K.E.M. respectievelijk P.E.N. actief waren, en waar niet, zie het gedenkboek 1917-1967 een halve eeuw PEN vijftig jaar elektriciteit in Noord-Holland [Bloemendaal: PEN; 1967]. De teksten in dit boek besteden zo goed als geen aandacht aan de electriciteishuisjes, laat staan aan hun ornamenten; er worden wel twee huisjes afgebeeld, resp. blz. 178, “Transformatorhuisje in West-Friesland uit de KEM-tijd, 1916” (een torenmodel; het is niet te zien of er tegels van Haan & Hond zijn), en blz. 190, “In de dertiger jaren krijgen de transformatorhuisjes een vriendelijker aanzien” (waarop zichtbaar dat er tegels van Haan & Hond zijn); vermoedelijk zijn beide huisjes gesloopt.

De toeschrijving aan Pottenbakkerij Vermeulen, Zoeterwoude, van de ornamenten op electriciteitshuisjes in Leiden en regio (zie ELE-06) is gebaseerd op telefoongesprekken van 2 april 2002 met de heer Jaap Waal, werkzaam bij NUON Leiden, en met de heer Henk v.d. Berg (gezegd "Henk de Gasman"), oud-werknemer van (de lokale voorgangers van) NUON.

Voor ELE-07, de inventaris van electriciteitshuisjes met tegeltableautjes in Gelderland, is in eerste instantie vooral materiaal overgenomen uit Roger Crols, Taco Hermans (eindred. Martin van Bleek), Trafohuisjes (Utrecht: Matrijs, 1995). Zie ook het bovenvermelde standaardwerk van dr Jan Vredenberg, ‘Trotse kastelen & lichtende hallen’ (Utrecht: Matrijs; 2003), blz. 110, 164, 361-362; de auteur heeft een deel van de foto’s in inventaris ELE-07 gemaakt en ter beschikking gesteld.