|
Tentoonstellingen Archief |
Frouwien Soenveld |
![]() |
|
Het Nederlands Tegelmuseum heeft een rijke, historische
collectie die een overzicht geeft van de ontwikkeling en toepassing van
de Nederlandse tegel vanaf de zestiende eeuw. De tegelkunst heeft in
Nederland echter niet alleen een indrukwekkende traditie, maar is ook nu
nog een bloeiende tak van kunstnijverheid. Het wil inspirerende
voorbeelden van de hedendaagse toepassing van tegels breder onder de
aandacht brengen. Daarom streeft het museum ernaar om jaarlijks een
expositie te wijden aan een hedendaagse keramist of plateelschilder die
met tegels of andere vormen van bouwkeramiek werkt. In de afgelopen
jaren toonde het Nederlands Tegelmuseum werk van Peter Krynen (2001),
Chris Dagradi (2002), Angela de Jong (2004) en Amelia Sháhbaz (2005). Verdere informatie: f.soenveld@planet.nl www.fsoenveld.nl |
||
|
|
||
|
Natuurlijk(e) tegels - Een vliegende tentoonstelling
Lijnen en kleuren Klei is mijn papier Ik scheur een stuk uit mijn papier Ik vorm, vervorm. Kleur, modeleer, voeg toe, laat weg De hitte van de oven versmelt het glazuur met de klei tot een eenheid.
De eerste exposities van haar keramisch werk waren in Wageningen in 1976. Een jaar later volgde een expositie in het Nederlands Tegelmuseum, waar ze sindsdien herhaaldelijk terugkwam. In de volgende jaren kreeg zij opdrachten voor het maken van ‘sponsorwanden’ voor het Dierenasyl in Ede (1985) en een viertal Scouting-gebouwen (o.a. in Amerongen, 1986). Op uitnodiging van de Nederlands-Engelse tegelexpert Hans van Lemmen nam zij in 1999 deel aan een project in Berlijn, waar keramisten uit verschillende landen gedurende enkele weken gezamenlijk een werkplaats tot hun beschikking hadden. Haar werk is daarna geëxposeerd in het Erstes Deutsches Fliesenmuseum in Boizenburg (CERAM-KULTUR-GUT). Verder is zij een regelmatige deelnemer aan keramiekmarkten in Nederland en Duitsland (onder meer de Goudse Keramiekdagen).
Bij haar vorige expositie in Otterlo (1993, ‘Sur-re-prise’) bleek Frouwien al duidelijk geïnspireerd door ontwerpers uit de periode van de art-nouveau. De laatste jaren is zij uitgegaan van enkele albums die de Franse ontwerper E.A. Séguy in 1924 uitbracht. In ruim veertig platen bracht hij de buitengewone decoratieve kwaliteiten van insecten en vlinders onder de aandacht. Deze platen vormde de basis om zelf patronen te ontwikkelen op basis van insectenvormen. Vlinders en insecten zijn dan ook de onderwerpen van deze ‘vliegende expositie’, waarvoor (12) grote tegeltableaus zijn gemaakt. Daarnaast zijn er vogels in de vorm van kleine tegeltableaus en als object te zien. |
||
|
|
||