|
De
collectie van het Nederlands Tegelmuseum is verrijkt met een bijzonder
topstuk, een unieke en zeer mooie achttiende-eeuwse schouw.
Het gaat om een vijfhoekige schouw met verschillende tegeltableaus,
vervaardigd in Rotterdam, niet lang na 1775. De centrale voorstelling
toont het Bijbelse verhaal van Jozef, die door zijn broers verkocht
wordt. Het geheel telt 180 tegels, in paars beschilderd. Omvang en
kwaliteit van de schildering maken deze schouw tot een onvergelijkbaar
geheel.
De schouw was afkomstig uit een huis in Koudekerk aan de Rijn, in de
achttiende eeuw woning en werkplaats van een wagenmaker. Waarschijnlijk
zijn de tableaus speciaal voor dit huis in opdracht gemaakt. Door de
voorgenomen afbraak van het pand was zorgvuldige verwijdering van de
schouw noodzakelijk geworden.
De aankoop was mogelijk dankzij steun van de Vereniging Rembrandt (http://www.verenigingrembrandt.nl).
Alleen kunstvoorwerpen waarvan de kwaliteit onmiskenbaar is en die een
toegevoegde waarde zijn ten opzichte van de reeds bestaande nationale
collectie, komen voor deze subsidie in aanmerking.
De aanwinst is inmiddels opgebouwd en blijft deel uitmaken van de
permanente expositie. Er is een tijdelijke begeleidende expositie
ingericht die, onder de titel ‘Betegelde
schouwen goed beschouwd’, ingaat op de toepassing van tegels
in open haarden en schouwen.
|
|
Toelichting
De
centrale voorstelling toont het Bijbelse verhaal van Jozef, die door
zijn broers verkocht wordt aan kooplieden die hem meenemen naar Egypte (Gen.
37: 28b), in een mooi uitgewerkte ornamentele omlijsting. Links en
rechts zijn onder meer portretten van stadhouder Willem V (1748-1806) en
zijn echtgenote, prinses Wilhelmina van Pruisen (1751-1820) te
herkennen. Ook zijn vier landschappen en twee genretaferelen in de
tegelpilasters opgenomen. Het geheel telt 180 tegels, samen 1,6 x 2
meter hoog. De tegels zijn bedekt met een witte laag tinglazuur, de
voorstelling is daarin geschilderd met mangaan (dat na het bakken een
paarse kleur oplevert). Omvang en kwaliteit van de schildering maken
deze schouw tot een onvergelijkbaar geheel.
De Rotterdamse tegelfabriek van de familie
Aalmis, na 1788 van Verwijk, koos als voorbeelden voor haar
tegeltableaus vaak Italiaanse prenten, uitgegeven door de Remondini, een
internationaal opererende en toonaangevende Venetiaanse
uitgeversfamilie. Er zijn naar deze prenten series tegeltableaus bekend
met elegante voorstellingen van de vier jaargetijden en van de kunsten.
In 1764 publiceerden zij een reeks van 12 platen van verhalen uit het
Oude Testament, gegraveerd door J. Wagner naar ontwerpen van J. Amigoni
en G. Zocchi. Deze prenten vonden een onthaal bij brede lagen van de
burgerij in heel Europa en vinden we regelmatig op tegeltableaus terug.
Het zijn met name dramatische familiegeschiedenissen die tot voorbeeld
dienden. De veldheer Jephta die thuis komt en begroet wordt door zijn
dochter, terwijl hij God beloofd had het eerste levende wezen dat hem
zou begroeten te offeren; De wegzending door Abraham van zijn slavin
Hagar met hun zoon Ismaël; Mozes die door de dochter van de farao
gevonden wordt; En Jozef die door zijn broers aan kooplieden verkocht
wordt. Deze voorstellingen sierden menige schoorsteen, als centrum van
het huiselijk leven, op het Zuid-Hollandse en Zeeuwse platteland.
Er zijn dus meer tableaus bekend met het verhaal van Jozef. Deze zijn
allemaal van hetzelfde formaat, 4 x 5 tegels groot, waarbij één en
dezelfde doorgeprikte werktekening in de werkplaats gebruikt is. Het
tableau in de aangekochte schouw daarentegen is van veel groter formaat
en beperkt zich daarbinnen tot de centrale groep figuren van de prent.
De allure van het geheel, mede door de ornamentele rand en de kwaliteit
van schildering, is veel groter dan in het genre gebruikelijk.
In een periode waarin in Nederland de politieke tegenstellingen tussen
prinsgezinden en patriotten hoog opliepen, liet de eigenaar van dit
tableau bovendien duidelijk zien aan welke kant hij stond door de
portretten van de toenmalige stadhouder en diens echtgenote prominent in
de schouw te verwerken.
De tableaus zijn hoogstwaarschijnlijk speciaal in opdracht gemaakt en
bevonden zich vanaf het begin in het huis waar zij tot voor een jaar nog
in de muur zaten. Het betrof een achttiende-eeuwse middenstandswoning in
het dorpscentrum van Koudekerk, waar vanouds een wagenmakerij gevestigd
was. Sinds ca. 1850 is het bewoond door leden van dezelfde familie, die
er een timmermansbedrijf voerden. De betegeling bevond zich in de
achterkamer, traditioneel het woonvertrek met haardvuur. Bij een eerdere
modernisering van het huis, rond 1930, was de onderbouw van de schouw
vervangen door nieuwe tegels, min of meer in Art Decostijl, en zijn de
tegels langs de muren verwijderd. Alleen het centrale paneel van de
schouw met de flankerende pilasters bleef bewaard. Achter de kachel
zaten nog enkele oude ornamentele tegels. Door de voorgenomen afbraak
van het pand werd nu de zorgvuldige verwijdering van de schouw
noodzakelijk.
De tegels zijn vakkundig verwijderd door A. van Sabben, die
gespecialiseerd is in een schadevrije verwijdering van antieke tegels.
Na het schoonspoelen van de tegels zijn deze, voor zover nodig,
gerestaureerd door de restaurateur Geertje Kroeb uit Enkhuizen. Voor de
onderbouw is met achttiende-eeuwse ornamentele tegels een eenvoudige
reconstructie gemaakt. In het museum is de schouw op een zodanige wijze
opgebouwd dat deze, bij een eventuele verhuizing van het museum,
eenvoudig weer gedemonteerd kan worden. |
Jugendstilschouw van Plateelbakkerij De Distel.
In 1904 werd aan het Rokin in Amsterdam het Leesmuseum gebouwd door de
architect C.B. Posthumus Meyjes. De lambrisering van de hal en het
trappenhuis, alsmede twee schouwen in de zalen op de begane grond en de
verdieping werden besteld bij Plateelbakkerij De Distel, Amsterdam, naar
ontwerp van Bert Nienhuis (1873-1960).
Hoewel verwarming inmiddels niet meer door een open haard, maar met
kachels plaats vond, greep men voor representatieve ruimten rond 1900
weer terug op de vorm van de traditionele schouw. De uitwerking is hier
modern, in de stijl van de Art Nouveau.
Beide schouwen uit het Leesmuseum, die in langdurige bruikleen werden
ontvangen van de Stichting Breestraat, waren al geruime tijd in het
bezit van het museum maar konden niet aan het publiek getoond worden.
Bij de ondeskundige verwijdering van de schouw uit het Leesmuseum in
2000 traden beschadigingen op en gingen tegels verloren. Afgelopen jaar
werd echter een restauratie van één schouw mogelijk gemaakt middels een
subsidie van het Buchter de Vries Fonds, dat beheerd wordt door het
Prins Bernhard Cultuurfonds. De restauratie werd uitgevoerd door Joop
van der Werf van het restauratieatelier Keramiekklassiek (www.keramiekklassiek.nl).
De nu weer in volle glorie tentoongestelde schouw zal tot begin maart te
zien zijn op de expositie ‘Betegelde schouwen goed beschouwd'.
|