Tentoonstellingen
Archief

Geselecteerde tegelcollecties van

Amelia Shahbáz Ta’eed

15 oktober - 5 december 2004

Geboren aan de kust van de Perzische Kaspische zee en afkomstig uit een familie van architecten en kunstenaars, heeft Amelia Ta’eed zich ontwikkeld tot een kunstenaar met een passie voor de filosofische ideeën achter kunst. Haar werk maakt ze onder de naam Shahbáz, Perzisch voor ‘koninklijke valk’. In een interview zegt zij hiervan: ‘Deze vogel heeft een grote filosofische waarde. Hij vliegt hoog in de lucht en reikt naar de hemel. Net als onze geest die ons vleugels geeft om boven het aardse uit te reiken’.

In haar kinderjaren verhuisde zij met haar familie naar Nederland, waarna zij haar opleiding volgde aan the École Supérieure des Arts Appliqués in Paris en de Gemmological Association of Great Britain. Zij behaalde haar MA in International Communication aan de City University in London. Vanaf 1994 werkte zij enige jaren in Hong Kong, waar zij sieraden ontwierp voor enkele juweliershuizen. 

Amelia Shahbáz is dus geen keramist, maar een ontwerper die met een grote verscheidenheid aan materialen werkt, waaronder nu ook keramiek. De afgelopen jaren ontwierp zij al enkele tegeltableaus, die echter nog niet geglazuurd werden. Nu heeft zij een aantal tegelcollecties ontworpen die, in een grotere oplage, praktisch toegepast kunnen worden. Zij heeft deze reliëftegels bij de Porceleyne Fles in Delft laten persen en bakken. Het afwerken, beschilderen en glazuren van deze tegels heeft zij daar zelf uitgevoerd. Het gaat om tegels die op verschillende manieren gecombineerd kunnen worden tot decoratieve velden. In het Nederlands Tegelmuseum worden deze nieuwe series voor het eerst gepresenteerd.

Haar werken bestaan uit keramische tableaus en reliëftegels, objecten en binnenhuisarchitectuur. Behalve uit de vormen van de natuur put zij haar inspiratie voor een groot deel uit de klassieke Perzische kunst. Van belang hierin is bijvoorbeeld de symbolische betekenis van kleur. Zo staat de kleur blauw voor de hemel (in de figuurlijke betekenis van het paradijs), geel en goudgeel voor de zon (in de betekenis van de Centrale Macht) en rood voor liefde en romantiek. Evenals de kleuren hebben de patronen en vormen een mystieke betekenis. Het motief ‘kasjmier’ bijvoorbeeld, oftewel 'boteh' in het Perzisch, vindt zijn oorsprong in de cipresboom, een boom die de eeuwigheid symboliseert.

Door te spelen met de positie, ligging en plaatsing van een motief wil Amelia Shahbáz een vijftal elementen uitdrukken:

  • oneindigheid

  • onverklaarbaarheid

  • eenheid

  • concentratie

  • beweging

De asymmetrische herhaling van een motief wekt bijvoorbeeld de illusie van beweging, terwijl de symmetrische herhaling van dat motief een statische vorm van het beeld tot gevolg heeft.

Of, ander voorbeeld, door de voortdurende herhaling van een motief - zodat het hele oppervlak daarmee bedekt wordt - wordt bij de kijker een stadium van concentratie gewekt waardoor langzamerhand de materie (in dit geval de tegel of de muur) zijn vorm verliest en de kijker het stadium van metafysiek benadert - 'dematerialisatie'. Dit is tevens te zien bij de voortdurende herhaling van een woord, of bij bepaalde muziekvormen, zoals de bolero.

Eenheid
wordt aangeduid door middel van de cirkel en symboliseert een verbond tussen alles in dit leven, met in het midden het Centrale Punt dat deze ‘eenheid’ veroorzaakt. Lijnen daarentegen worden gebruikt als een aanduiding voor beweging: zoeken, denken, leven, met in het achterhoofd de stelling van Descartes, ‘ik denk dus ik besta.’ Deze lijnen zijn terug te vinden in de ingewikkelde geometrische versieringen en arabesken rond een thema. De voortdurende herhaling van een motief symboliseert concentratie.

Het begrip oneindigheid wordt aangeduid door het patroon op een onverwachte plaats af te snijden. Dit wekt de indruk dat het patroon buiten de begrenzing tot in het oneindige doorloopt, net als het heelal en het leven zelf. Het laatste element dat Amelia probeert uit te drukken is de onbeschrijfelijkheid of onverklaarbaarheid – de niet tastbare, maar voelbare aanwezigheid van de Hogere Macht. Hiermee is de cirkel abstractie – vormgeven - abstractie weer volledig rond.

Met haar expositie wil Amelia-Shahbáz Ta’eed ook de gedachten die schuil gaan achter de lijnen en patronen van de oude Perzische kunst (bijvoorbeeld in tapijten, kalligrafie, poëzie, miniaturen, etc.) onder de aandacht brengen. Perzië kent immers ook een zeer rijke en oude traditie op het gebied van gedecoreerde tegels. Haar werk wordt daarom getoond samen met de oude Perzische tegels uit de vaste collectie van het Nederlands Tegelmuseum. Hierdoor wordt het dus tevens een informatieve expositie.

Voor dit project heeft Amelia Shahbáz in de afgelopen jaren een aanbeveling en ondersteuning van De Phenix Foundation gehad, wegens de kwaliteit en bijzonderheid van haar werk en wegens haar persoonlijke motivatie en inzet. De Phenix Foundation is in 2001 opgericht, op initiatief van staatssecretaris Van der Ploeg, met het doel de culturele diversiteit in het kunstaanbod te versterken, vanuit de gedachte dat er op dat gebied een grote achterstand is in de kunstsector.

Het Nederlands Tegelmuseum wil laten zien dat de tegelkunst niet alleen een rijke traditie heeft, maar ook nu nog een bloeiende tak van kunstnijverheid is. Het wil inspirerende voorbeelden van de hedendaagse toepassing van tegels breder onder de aandacht brengen. Daarom streeft het museum ernaar om jaarlijks een expositie te wijden aan een hedendaags keramist of plateelschilder die met tegels of andere vormen van bouwkeramiek werkt. In de afgelopen jaren toonde het Nederlands Tegelmuseum werk van Peter Krynen (2001), Chris Dagradi (2002) en Angela de Jong (2004).

Verdere informatie: